Met het oog op een aangepaste isolatie is het belangrijk om een onderscheid te maken tussen luchtgeluid en contactgeluid.
 

In het geval van luchtgeluid brengt een geluidsbron de lucht aan het trillen. Wanneer deze trillingen op ons trommelvlies terecht komen, ervaren we ze als geluid. Voorbeelden van dergelijk luchtgeluid: de menselijke stem, TV en HiFi-apparaten, muziekinstrumenten...Deze luchtgeluiden kunnen zich voortplanten van buiten naar binnen, tussen 2 ruimtes, in hetzelfde of in een aanpalend gebouw (eigen radio of TV van de buren) en ook van binnen naar buiten.

Van contactgeluid spreekt men wanneer de constructie rechtstreeks aan het trillen wordt gebracht door een geluidsbron. Die trilling plant zich in de constructie voort en brengt de lucht in een andere ruimte aan het trillen. Een voorbeeld: hoge hakken, een dichtslaande deur, het inkloppen van een spijker in de muur, stoelpoten op een harde vloer ... Vaak hebben we met combinaties van lucht- en contactgeluid te maken: een piano bijvoorbeeld stuurt luchtgeluid dwars door de houten vloer, maar via diezelfde vloer produceert hij ook contactgeluid.

Back to FAQ list